• Home |
  • MS-Liga Vlaanderen |
  • Welkom |
  • Contact
Taal: FR
Tekstgrootte: A A A
mother and daughter Nationale Belgische Multiple Sclerose Liga vzw - Ligue Nationale Belge de la Sclérose en Plaques asbl
  • Over MS
  • Medische info
  • Algemene info
  • Nuttige links
  • Wie zijn wij?
  • Beschrijving
  • Frequente vragen
  • MS Atlas
  • Huidige behandeling
  • Medisch nieuws
  • Studies
  • Internationaal nieuws
  • Diverse nieuws
  • De Liga in de pers
  • Verenigingen
  • Internationaal
  • Instellingen
  • Organisatie
  • Doelstelling
  • Hoe steunen?
  • Transparantie

Medisch nieuws

  • Onderzoek verdubbelt het aantal gekende erfelijke risicofactoren voor multiple sclerose
  • Nieuwe therapeutische mogelijkheden in MS
  • Een nieuw tijdperk voor de behandeling van MS?
  • MS en vaccinaties
  • Alemtuzumab
  • Stamceltherapie
  • Alternatieve therapieën
  • Stress en MS
  • Statines
  • Zonlicht
  • Cannabis en MS
  • Hepatitis-B en MS
  • Caprivax
  • Bijensteektherapie
Moeder met kind
Medische info › Medisch nieuws › Zonlicht

MS en zonlicht

 

Multiple Sclerose ontstaat door een samenspel van invloeden afkomstig uit het milieu en van erfelijke kenmerken van de persoon. Verschillende genen (dragers van onze erfelijke eigenschappen) blijken een rol te spelen in het bepalen van het risico op MS, maar slechts enkele ervan zijn gekend. Personen die drager zijn van een of meerdere van deze genen en daardoor een aanleg hebben voor MS zullen echter slechts MS ontwikkelen indien ze worden blootgesteld aan bepaalde invloeden uit de omgeving die MS kunnen uitlokken. Dit zouden sommige virusinfecties kunnen zijn of schadelijke stoffen of tekorten in de voeding of nog andere factoren. We weten er echt weinig over. Daarom is de ontdekking van Ingrid van der Mei dat een gebrek aan blootstelling aan zonlicht een rol kan spelen bij het ontstaan van MS zo belangrijk, al moeten we er aan toevoegen dat vroegere onderzoekers hiervoor ook al aanwijzingen hadden.


Ingrid van der Mei en haar medewerkers ondervroegen in Tasmanië, een eiland onder het Australische vasteland, 136 personen met MS en 272 gezonde personen van vergelijkbare leeftijd en geslacht over een reeks gebeurtenissen en ervaringen in de loop van hun leven. Ze informeerden echter vooral naar de graad van blootstelling aan zonlicht in de loop van de jaren. Een lage graad van blootstelling werd vastgelegd als dagelijks gemiddeld minder dan 2-3 uur, een hoge graad als dagelijks gemiddeld meer dan 2-3 uur expositie. De gegevens van de MS-patiënten werden vervolgens vergeleken met de ervaringen van de ondervraagden die geen MS hadden. Uit de vergelijking kwam naar voor dat een hoge zonexpositie, in de leeftijdsperiode van 6 tot 15 jaar, het risico om later ooit MS te krijgen met meer dan de helft deed dalen. De zonexpositie in de wintermaanden leek het grootste effect te hebben. Verder was het merkwaardig dat op hogere leeftijd, en meer bepaald in de 10 jaren die het optreden van MS vooraf gingen, de graad van expositie aan de zon geen invloed meer had op het risico om MS te ontwikkelen. De resultaten van de enquête worden in zekere zin ondersteund door de bevindingen van een ander deel van de studie: de MS-patiënten vertoonden minder huidbeschadiging door de zon dan de vergelijkingspersonen zonder MS.


Deze studie werd zeer zorgvuldig uitgevoerd en lijkt zeer overtuigend, maar het laatste woord daarover is natuurlijk nog niet gezegd. Kritische personen zullen niet nalaten op te merken dat er vraagtekens kunnen worden geplaatst bij de betrouwbaarheid van het geheugen voor de graad van blootstelling aan de zon, zovele jaren geleden in de kinderjaren en jonge adolescentie. Probeer het uzelf maar eens te herinneren. Hierop kan geantwoord worden dat deze studie niet alléén staat en dat resultaten van enkele vroegere studies ook reeds in de richting van invloed van het zonlicht wezen. Een gevolg van deze studies is dat er intens zal gezocht worden naar veranderingen in het lichaam, vooral in de immuniteit, die mogelijk tussenkomen in het effect van het zonlicht op het ontstaan van MS. Dit is niet alléén theoretisch belangrijk, maar ook van belang voor eventuele therapeutische toepassingen. Misschien kan eenzelfde of zelfs groter beschermend effect bereikt worden door in te grijpen op deze tussenliggende mechanismen, eerder dan door meer in de zon te lopen.


Kinderen blootstellen aan meer zonlicht heeft niet alléén een mogelijk beschermend effect voor MS, maar heeft zeker ook een schadelijk effect door het verhoogd risico op huidkanker. Aanraden om zeer veel in de zon te lopen zal niemand voorlopig doen, omdat niemand weet of de voordelen zouden opwegen tegen de nadelen.


Tenslotte is het belangrijk op te merken dat de studie van Van der Mei alléén het belang van zonlicht in het voorkomen van MS onderzocht. Of zonlicht een invloed heeft op het verloop van de ziekte bij wie reeds MS heeft, werd nog nooit onderzocht. Het verloop van de ziekte beïnvloeden kan dus slechts met medicamenten als interferonen en glatirameer-acetaat die vooral bij het begin van de ziekte een duidelijk, zij het beperkt, effect hebben.


HC - Januari 2004

  • Copyright
  • Disclaimer
  • Contact
  • Privacy
  • Sitemap
  • Webdesign Netlash